Inloggen 
Maak nu een Singlessite profiel aan wachtwoord vergeten?
Home \ Lifestyle \ Columns \ Alle columns van Ellen \ Kettingpechkarma

Kettingpechkarma - 09 november 2008 19:31

Eén keer per week rijd ik over de weg van de 13 stoplichten naar mijn dansles in de stad verderop. Meestal is het 12-1 of 11-2. Dat wil zeggen: 12 stoplichten tegen en 1 mee. Soms heb ik ze alle 13 én de spoorwegovergang tegen.

 

Thuis parkeer ik mijn auto met de achterkant naar de bomenrij voor mijn gebouw; zo blijft-ie goeddeels verschoond van vogelflatsen en andere ongein die uit de bomen komt zetten. De ene keer dat ik ‘m 5 minuten met z’n neus naar voren zet openen zich alle cloaca’s in de boom op de voorruit. Yuk.

 

Nog een autoklassieker: na het eten van de appel wil ik het klokhuis uit het raam gooien want klokhuizen mogen op straat. Tenzij er een fietser achter je zit, of een motorrijder in wiens vizier een klokhuis beter niet terecht kan komen. Als de kust veilig is, doe ik een ferme gooibeweging met rechts. De appelrestanten spatten met een knal uiteen tegen de binnenkant van de ruit: het raam stond toch weer niet ver genoeg open.

 

Is het een op maat gesneden kosmisch ontmoedigingsbeleid om mij uit de auto te krijgen? Welnee, ik ben gewoon een constant slachtoffer van kleine pech als tegengewicht voor mijn heppiedepeppie way of life. Ik heb per week zoveel van dit soort dingen dat er een woord voor is dat de lading dekt: kettingpech.

 

Als ik met een keukenmes een kaars ontdoe van een overschot aan was, rijd ik mezelf even later naar de Eerste Hulp omdat de diepe snijdwond in m’n duim niet vanzelf dicht gaat. Eenzelfde rit voor dezelfde duim kon ik doen toen de rand van een conservenblik terugvocht. Wachten is op de volgende hechting zodat het litteken op die duim een intrigerend Keltisch symbool wordt dat anderen misschien ook wel willen hebben.

 

Ik laat een antieke klok repareren die al sinds 1920 in de familie is en binnen het jaar is er een windvlaag die de spiegel achter de klok een zet geeft en het erfstuk tegen de vloer zwiept.

Na de blikseminslag in mijn appartementengebouw had niemand schade behalve ik, want ik kon een nieuwe tv en video halen omdat de apparatuur van binnen gesmolten was.

Ik draag mooie hakken naar een feestje in een tuin en zak vervolgens bij elke stap die ik neem alle centimeters ervan in het gras, tot afgrijzen van de gastvrouw.

 

Jonge honden met vieze poten, haarspray in ogen, in een praktisch lege bioscoop toch een lang persoon voor me krijgen, het condoom dat niet meer mee naar buiten komt: dagelijkse kost. Nou ja, dat condoom dan niet zo frequent. Ergens is dus toch een natuurkracht die bepaalt dat ik struikelend door dit bestaan moet. Maar mag daarvoor in ruil dan wel het grote leed van mijn drempel blijven?

 

Want er gaat ook geen week voorbij of ik hoor over zoveel relatie-ellende uit de niet-singlewereld: de jonge moeder die uit het niets een telefoontje krijgt van de geheime minnares van haar man, de zus van een vriendin die ineens hoort dat haar nieuwe geliefde niet één maar meerdere kinderen heeft bij diverse voormalige partners, de goede vriend wiens ex-partner het geld rooft van de spaarrekening die hij voor hun zoontje had geopend na een scheiding die hijzelf nooit gewild heeft, etc. etc.

 

Dan haal ik met mijn gehavende hand lachend de vogelflatsen van m’n auto. Als dat je enige zorg is en wie heeft er tegenwoordig nog een duim nodig die goed kan buigen? Het is niet dat we nog door de bomen hoeven te slingeren. (Alhoewel ik dan wel die vogels eens goed mores zou kunnen leren natuurlijk, ze eens kennis laten maken met mijn cloaca hahaha! Kettingpechvogels!)

 

Ontwikkeld door: Netvlies Internetdiensten